• natalie02b

Afghanen worstelen met hun loyaliteit

Geplaatst door op in Reportages

(c) Ton Koene Moeten de Nederlanders Afghanen blijven helpen terwijl die ze liever zien gaan dan komen?

Anti-westerse gevoelens in Kunduz leidden recentelijk tot gewelddadige massaprotesten. Ze stellen de Nederlanders voor een dilemma: zijn we hier nog wel welkom? En: wie is vriend en wie is vijand?

Tekst: Natalie Righton
foto: Ton Koene (Afghaanse vrouwen in Kabul)
Dit artikel werd op 07-04-2012 gepubliceerd in de Volkskrant
De uitzending van Nieuwsuur op 06-04-2012 is hier terug te zien


'Dood aan Amerika!'. Honderden jongemannen in de Afghaanse provincie Kunduz scanderen de leus almaar achter elkaar. Gebalde vuisten omhoog. Toeschouwers dragen baarden, tulbanden en taqiyah's (islamitische hoofddeksels).

Op het podium voor de menigte staan een paar mullah's uit Kunduz die de mannen eraan herinneren waarom ze hier zijn, eind februari: 'Amerikanen die de korans hebben verbrand, moeten voor de rechter worden gesleept! Daarna moeten alle internationale militairen Afghanistan verlaten! Ze moeten weg!'

Dan schreeuwt de invloedrijke Korangeleerde Abdul Ajad uit Kunduz een onheilspellende waarschuwing vanaf het podium: 'Als er enige actie van moslims volgt tegen westerlingen, dat is dat de verantwoordelijkheid van de koranverbranders!' Naast de korangeleerde staat een medewerker van de lokale overheid in Kunduz, Khosh Mohammad, die instemmend knikt. Hij is officieel een bondgenoot van het Westen.

Gewelddadige rellen
De mullah's en Khosh Mohammad worden op hun wenken bediend. Een dag na de anti-westerse toespraak breken gewelddadige protesten uit in Kunduz. Honderden jongemannen proberen op 25 februari het gebouw van de Verenigde Naties in brand te steken en te bestormen om de aanwezige buitenlanders daar te doden. Bewakers en politie voelen zich in het nauw gedreven en schieten met scherp op burgers om ze op afstand te houden. Demonstranten schieten zelf ook. Er vallen zeker acht doden.

Een diplomaat die op die bewuste dag aanwezig was in de regio zegt: 'Het leek wel burgeroorlog'. Op filmbeelden is te zien hoe politieauto's met sirenes af en aan scheuren. Geweervuur klinkt onophoudelijk op de achtergrond. Doden en gewonden worden bebloed binnengedragen in het lokale ziekenhuis.

De gewelddadige protesten en anti-westerse gevoelens in Kunduz stellen het Nederlandse ministerie van Defensie voor een dilemma: Zijn we nog wel welkom hier? Moet je met bijna driehonderd trainers en militairen blijven 'helpen' in een provincie waar de haat jegens westerlingen zo groot is? Lopen Nederlandse trainers gevaar?

Wie is vriend of vijand?

Volgens de lokale politie in Kunduz valt het wel mee met die haat tegen buitenlanders in Kunduz en zijn het slechts enkele Talibanstrijders en Al-Qaida-leden geweest die de koranverbrandingen misbruikten om grote volksmenigten op die 25 februari in Kunduz op te hitsen tegen westerse militairen, aldus politiechef Samiullah Qatra.

Een Talibanwoordvoerder stelt het omgekeerde. 'Alle Afghanen haten buitenlanders. Op de bewuste protestdagen in Kunduz waren onze strijders niet de enigen die de straat op kwamen om te demonstreren', aldus Taliban-zegsman Zabiullah Mujahed in een telefoongesprek. De Taliban herinneren er nog eens aan dat ze elke 'misdaad' zullen vergelden en dat Nederlanders worden gezien als medebezetters van Afghanistan. 'We zullen de aanvallen tegen de buitenlanders voortzetten en hen dwingen het land te verlaten.'

De Taliban hebben er natuurlijk belang bij om dit beeld te schetsen en Nederlanders angst aan te jagen. Toch kan hun bewering niet zomaar terzijde worden geschoven als propaganda. Wie vriend of vijand is van westerlingen in Kunduz, is soms moeilijk te bepalen. Het gebeurt vaker dat Afghanen er een dubbele moraal op nahouden.

Bedreiging van binnenuit
Zo blijkt de belangrijkste aanjager van het anti-westerse protest in Kunduz Khos Mohammad te zijn, officieel een bondgenoot van het Westen, die in Kunduz voor de lokale overheid werkt. Hij heeft zelfs een lijfwacht die is opgeleid door Nederlanders. Mohammad erkent in een interview zijn rol in het anti-westerse protest: 'Het was mijn religieuze plicht. Ik zou het zo weer doen.'

Zargoona Hassan, directeur van een radiostation in Kunduz, noemt Khos Mohammad een 'bedreiging van binnenuit'. Volgens Hassan zijn er veel pro-westerlingen in Kunduz, maar ook veel mensen die een beetje tussen pro- en anti-westers in hangen, 'zeker ook binnen het lokale overheidsapparaat'.

Mohammad is niet de enige: steeds vaker vertellen gewone Afghanen in Kunduz en elders in het land aan de Volkskrant dat ze worstelen met hun loyaliteit. Enerzijds zijn ze woedend op westerse militairen vanwege incidenten als koranverbrandingen. 'Daarom moeten ze weg.' Anderzijds willen veel van diezelfde Afghanen dat buitenlandse militairen nog even blijven, omdat ze vrezen dat er anders een machtsvacuüm ontstaat en een burgeroorlog zal uitbreken.

'Moeten de buitenlanders weg of niet? Zijn ze onze redders of juist duivels? Het is een discussie die in veel families bij het avondmaal wordt gevoerd', zegt een inwoner van Kunduz op een avond terwijl we rijst met schapenvlees eten. Hij werkt in het dagelijks leven werkt samen met buitenlanders. In zijn familie zitten ook aanhangers van de Taliban. 'Dat is heel normaal in Afghanistan', zegt hij daarover. Is hij vriend of vijand van het Westen?

Fahroodin
De dood van Fahroodin illustreert misschien nog wel het best de complexiteit van de anti-westerse gevoelens die heersen in Kunduz. Fahroodin is 17 jaar oud als hij wordt gedood tijdens de protesten op 25 februari. De kogel die hem trof heeft een zwart gaatje achtergelaten in zijn hals, zo laat zijn oom zien om filmbeelden op zijn mobiele telefoon.

De gedode Fahroodin is nu een 'martelaar', vindt de familie. We staan met zijn oom op het erfje voor het huis van de moeder van Fahroodin. Koeien staan onder een afdak, de familie is straatarm. Fahroodin's moeder huilt en strijkt met haar rechterhand over een foto van de jongen, haar tranen tussendoor wegvegend met haar hoofddoek. 'Mijn enige zoon is dood, ik wil niet meer leven.'

Om het leed te verzachten, heeft de familie een lied voor Fahroodin gemaakt. De oom laat het gezang op zijn telefoon horen: 'Ik ben Fahroodin en ik ben met trots gestorven. Ik heb mijn lichaam gegeven om de heilige Koran te beschermen!'

Misverstand
De familie stelt tegelijkertijd dat de jongen helemaal geen vijand is van het Westen. Hij had volgens oom Zal Qhai geen wapen bij zich die dag van de protesten, maar wilde op een 'vreedzame wijze' zijn boosheid over de koranverbrandingen uiten. 'Hij wilde zonder geweld te gebruiken een boodschap overbrengen aan de wereld!'

De familie van Fahroodin zegt ook na confrontatie met de gewelddadige aard van de protesten en de geschreeuwde leuzen als 'Dood aan Amerika' stellig dat ze geen hekel hebben aan alle westerlingen. Het perspectief dat 'Amerikanen' vertrekken en Taliban terug aan de macht komen, vinden ze niks. Oom Qhai vindt zelfs dat de 'buitenlandse militairen voorlopig in Kunduz moeten blijven' om de vrede te bewaren. Ze beschouwen het als 'een misverstand' dat Fahroodin is gedood door 'buitenlandse bewakers van de VN'. De familie zint niet op wraak op de VN of andere westerlingen. Het enige dat ze willen, is vredig leven.

Welkom buitenlanders
Ook als buitenlandse verslaggevers van de Volkskrant en Nieuwsuur zijn we welkom bij deze familie die hun zoon verloor in anti-westerse protesten. We krijgen thee, de kinderen giebelen om ons heen en willen met ons spelen. We voelen ons op geen enkel moment bedreigd.

Maar toch: De jongen Fahroodin werd een meter van de buitenmuur van het VN-gebouw dood gevonden. Vanwege het gerichte schot in zijn nek is de kans groot dat hij door een professionele schutter - zoals een buitenlandse bewaker - is omgebracht. Zij dachten wellicht dat Fahroodin samen met andere demonstranten over de muur wilde klimmen om buitenlanders te lynchen. Of Fahroodin vriend of vijand was van het Westen, zal niemand ooit zeker weten.