• natalie02b

Alleen Ria blijft nog in Uruzgan

Geplaatst door op in Interviews

TARIN KOWT - Ze wordt de moeder van Nederlandse militairen in Uruzgan genoemd. Ria Ubert (58) woont al bijna vier jaar op Kamp Holland en maakte nagenoeg de hele missie mee.

Ria is kantinejuffrouw op het legerkamp in Uruzgan. Ze begon er ooit mee omdat ze ‘alleen kwam te staan’ en een baan nodig had. Het avontuur trok ook. Haar vrienden verklaarden haar voor gek: ‘Wat moet je in die zandbak?’.

Tekst: Van onze correspondent Natalie Righton
Foto: Volkskrant (Ria Ubert)
Dit artikel werd 21-01-2011 gepubliceerd in de Volkskrant

Maar Ria ging, met een tas vol spullen, tussen de soldaten in Afghanistan wonen. Haar drie volwassen kinderen in Nederland zouden zich wel redden. Het mooiste waren de ontmoetingen en ontboezemingen van de soldaten. ‘Kwam er zo’n jongen naar me toe: Hé Ria, weet jij of dat meisje daar een vriendje heeft? Kan je een goed woordje voor me doen?’, zegt ze, sigaretje in de rechterhand, zoals altijd lachend.

Er was ook een soldaat die Ria vroeg om een ring voor hem te kopen tijdens haar verlof in Nederland, zodat hij zijn vriendin ten huwelijk kon vragen als ze hem kwam ophalen in Eindhoven aan het einde van zijn missie.

En dan waren er nog de bekende Nederlanders. Jan Smit kwam zingen, Ria zag hem ’s ochtends in zijn onderbroek voorbijkomen op weg naar de natte FAB’s (doucheruimtes). Prins Willem-Alexander kreeg bitterballen van Ria. Ze zag ook de voltallige Nederlandse pers voorbijkomen. Rutger van Geen Stijl, Peter en Eric van de NOS, Jaap van RTL Nieuws, ze hebben een plek gekregen in Ria’s hart.

24 zonen
Moeilijke momenten, waren er ook, zegt Ria terwijl ze een trekje neemt van haar tweede sigaret. Haar ogen dwalen af. Om haar heen louter zand, grind en legerbarakken. ‘Het ergste was als er iemand omkwam. Dan was het hele kamp teneergeslagen. Het voelde voor mij alsof iemand uit mijn eigen familie overleed.’

Ria verloor 24 zonen in Uruzgan, stuk voor stuk heeft ze hen gekend. Ze kwamen bij haar ‘een bakkie doen’, kletsen over thuis of een kaartje leggen. ‘En dan ineens, zijn ze er niet meer.’ Ze kan er nog tranen van in haar ogen krijgen. Hun moeders, ‘och hun moeders’, wat moeten die een verdriet hebben gehad.

Afgelopen najaar kwam familie van de overleden militairen naar Kamp Holland voor een rondleiding. Ria praatte met de weduwe van sergeant-majoor Mark Leijsen die was omgekomen door een explosie. ‘Het was fijn dat ik kon vertellen hoe hij hier zijn koffie dronk. Dat geeft toch troost.’

Gezelligheid weg
Nu de Nederlandse militairen bijna allemaal zijn vertrokken – er zijn nog een krappe 30 over, met name voor het inpakwerk – mist Ria de gezelligheid. ‘Australiërs en Amerikanen maken niet zo snel een praatje’. Vroeger was het in de kantine stampvol tot 11 uur ‘s avonds, ‘nu sta ik om half negen tegen een lege zaal te kijken. Het is een dooie boel hier’. Ze mist ‘haar jongens’.

Ze zag Kamp Holland uitgroeien van een klein legerkampje tot de ministad die het nu is. Inclusief winkels, betonnen trottoirs en een kapperszaak. Net als al het personeel slaapt Ria in een gepantserde container op het kamp. Één keer een raketinslag op het huisje achter haar. ‘Dat was een knal hoor’, zegt ze lachend. Bang was ze nooit, gevaar wuift ze weg. ‘Thuis denken ze dat het heel gevaarlijk is, maar Kamp Holland is goed beschermd. Ik maak me nergens niks geen zorgen om.’

Behalve haar kinderen heeft ze niets gemist in Nederland. Twee keer per jaar mocht ze drie weken naar huis. Maar na de eerste week miste ze Uruzgan al. ‘Het is een gevoel dat ik niet goed kan uitleggen, maar dit hoort bij mij.’

Nieuw leven
De ECHO’s, zoals de kantine op Kamp Holland heet, is sinds het vertrek van de Nederlanders verliesgevend.’ Ze proberen de tent nieuw leven in te blazen door meer Australiërs en Amerikanen aan te trekken. Maar ik heb er een hard hoofd in’, zegt Ria. ‘Zij zijn niet zo van de gezelligheid, en ze houden niet van bingo of een filmavond’. De kok gaat nu proberen ander eten te maken, dat Amerikanen en Australiërs lekker vinden. ‘Hopelijk trekt het aan.’

Maar voor Ria zal het nooit meer zijn zoals het was. Dit wordt haar laatste jaar heeft ze besloten. Nadat ook de allerlaatste Nederlanders eind januari zijn vertrokken uit Kamp Holland, maakt ze het jaar nog vol.  Eind 2011 pakt ze haar koffers in en gaat ook Ria naar huis.