• natalie02b

Op oorlogspad tegen de witte man

Geplaatst door op in Interviews


(c) Ton Koene Zijn hele leven al strijdt Winti Suya tegen blanken. ‘Als we capituleren, is de indianencultuur binnen een of twee generaties verdwenen.'

NGOHJWÊRÊ ‘Ik was 14 toen ik voor het eerst meeging op oorlogspad tegen de witte man', zegt Winti Suya (36), een indiaan uit Brazilië. Alleen een zwarte onderbroek draagt hij, en een rode kralenketting om zijn heupen. Zijn lichaam is volledig rood geverfd.

 

 

Toeristen omsingeld
Winti herinnert zich nog goed hoe alle mannen uit zijn dorp voor de aanval hun lichamen beschilderen in oorlogskleuren - vuurrood van top tot teen en een zwarte balk over de ogen - en hoe ze een hoofdtooi van papegaaienveren droegen, en in de handen speren, pijlen en een boog. Per kano voeren ze over de brede rivieren in het Amazonegebied, op zoek naar een kampement van blanke toeristen.

Tegen zonsopgang hadden de indianen een groep toeristen omsingeld. De eerste blanke man die wakker werd en naar de rivier liep om zich te baden, stond plots oog in oog met tientallen indianen in oorlogstenue. ‘Hij schrok natuurlijk', zegt Winti. ‘Toen hij gekalmeerd was, heeft een van ons tegen hem in het Portugees gezegd: ga de rest halen, we moeten met jullie praten.'

De indianen vertelden hoe ze wekenlang hadden toegezien hoe boten vol met blanke vakantiegangers naar hun land kwam om krokodillen dood te schieten en tonnen vis uit de rivier te halen - ‘gewoon voor de lol, want het was veel te veel om op te eten'.

In onderbroek naar huis
Ze vertelden de toeristen dat ze hiermee moesten ophouden omdat er te weinig eten over bleef voor de indianen. Winti: ‘Die mensen waren erg bang en konden niet wachten om weg te gaan. Maar wij vonden dat ze een extra lesje moesten leren, waardoor ze nooit meer terug zouden komen. En dus hebben we al hun spullen afgepakt en ze in hun onderbroek naar huis gestuurd.'

Grote hilariteit onder de indianen die meeluisteren, maar toch, zegt Winti even later, is het een bittere ernst. Hij is de leider van vier indianendorpen aan de Xingurivier, in centraal-Brazilië. Daar wonen in een reservaat 380 Kisedje-indianen in het oerwoud, samen met nog ruim vijfduizend indianen van andere stammen.

Strijden tegen de witte man
Zijn hele leven strijdt Winti al tegen de invloed van ‘de witte man' - hij gebruikt altijd enkelvoud - op zijn cultuur. Nu is het weliswaar geen strijd meer met pijl en boog, maar met ‘een nog veel sterker wapen', namelijk rechtszaken en woorden.

‘We gebruiken de middelen van de witte man zelf', zegt Winti. De indianen zijn ook politiek actief, en lobbyen van Groot-Brittannië tot de VS voor hun rechten.
De boskap door blanke boeren is de grootste zorg van de Kisedje-indianen en hetgeen waartegen ze het meest strijden, vertelt Winti. Al honderden jaren wonen de indianen in het oerwoud, te midden van torenhoge bomen waarin apen slingeren en groene papegaaien fladderen. Ze leven van de jacht en vissen in de rivier met speren. Maar die levensstijl wordt nu bedreigd. Wie rondloopt in een Kisedje-dorp, bevindt zich gevoelsmatig middenin de jungle. Maar schijn bedriegt.

Boskap
Twee kilometer ten westen van het indianendorp van Winti houdt het oerwoud abrupt op; daar waar blanke Brazilianen het woud hebben gekapt om de grond gereed te maken voor sojaplantages, is geen boom, aap of papegaai meer te zien.

De Kisedje-indianen zijn expres aan de rand van het oerwoud gaan wonen, dichtbij de blanke boeren dus, om ze ‘in de gaten te houden', legt Winti uit. ‘Het liefste zouden we onszelf diep in het oerwoud terugtrekken - weg van de moderne wereld, waar onze kinderen verslaafd raken aan witte-mans-spullen zoals snoep, jeans en geld - maar dat heeft geen zin. Als wij wegtrekken, blijft de witte man net zo lang bomen kappen tot hij weer aan de rand van ons dorp is. Wij kennen de witte man, hij heeft een niet te stillen honger naar grond.' Het is volgens Winti daarom ‘niet meer mogelijk' voor de indianen om geïsoleerd in de jungle te leven.

Winti en zijn mannen patrouilleren elke dag langs de grenzen van hun land om te controleren of blanke boeren niet stiekem land van de indianen wegkappen, of erger: dat ze chemisch afval in de rivier dumpen. Winti: ‘Soms praat ik met de boeren en zeg ik: wij baden elke ochtend en avond in deze rivier, hou toch op met die chemische troep. Maar meestal luistert de witte man niet.' Blanken vormen een constante bedreiging voor de indianen, vindt Winti.

Geld
Met de nabijheid van blanke Brazilianen, kruipt de moderniteit het dorp van de indianen binnen. Voor de patrouilles van het land van de Kisedje - zo'n 30 kilometer breed en 50 kilometer lang - hebben de indianen bijvoorbeeld een auto nodig. En benzine. ‘En de witte man brengt ziektes met zich mee, waar onze medicijnman geen kruiden of toverformules tegen heeft. Soms moeten we daarom naar een modern ziekenhuis.'

Al die zaken kosten geld, terwijl de indianen honderden jaren zonder hebben geleefd. ‘Dat is erg frustrerend, kan ik u vertellen. Want hoe komt een indiaan aan geld?'

De laatste jaren komen regelmatig blanken naar het dorp van de Kisedje - ‘hulpverleners noemen ze zichzelf'- die zeggen dat ze de indianen willen helpen met het beschermen van het bos of met het genereren van inkomsten. Winti: ‘Uit Japan bijvoorbeeld en uit Noorwegen zijn ook mensen gekomen. Ze beloven veel, maar we zien nooit resultaten.'

Alleen via de Nederlandse ontwikkelingsorganisatie ICCO krijgen ze bescheiden steun voor het herplanten van delen van hun oerwoud. Maar de indianen zeggen veel meer hulp nodig te hebben.

Aanpassen
Na een jarenlange juridische strijd hebben de Kisedje in 2002 een groot stuk van hun oorspronkelijke land teruggekregen van blanke boeren. ‘Op dit moment hebben we - heel praktisch - geld nodig voor een tractor, zodat we het landbouwland dat in onze afwezigheid helemaal is vol gegroeid met onkruid, kunnen ploegen. Daar kunnen we dan gewassen op verbouwen om van te leven en hopelijk houden we ook wat over om te verkopen.'

Natuurlijk vraagt hij als indiaan liever geen hulp aan blanken en ook wil hij ‘liever geen landbouwer zijn', maar juist jager blijven. Maar hij is ‘realistisch', zegt Winti. ‘Ook indianen moeten zich aanpassen aan de moderne tijd en geld verdienen.'

De oudere Kisedje-indianen realiseren zich dat ze de westerse cultuur niet buiten de deur kunnen houden, maar weigeren volledig te capituleren. Winti: ‘We moeten onze eigen tradities behouden en blijven vechten tegen de witte-mans-cultuur, anders is de indianencultuur binnen één of twee generaties verdwenen. En de natuur ook.'

Wraak van de natuur
In ruil voor hun hulp wil Winti blanken graag deelgenoot maken van een aantal eeuwenoude indianenwijsheden. De belangrijkste is dat hij de witte man wil waarschuwen voor ‘de wraak van de natuur'. Winti: ‘Wij zien de natuur als een levend organisme. En net zoals een mens wraak zal nemen als je een familielid van hem onnodig doodt, zal ook de natuur ingrijpen als je haar onnodig vernietigt.'

Winti heeft op een cursus van ‘westerse hulpverleners' gehoord over de wereldwijde klimaatverandering; over overstromingen, over het smeltende ijs op de noordpool en over eilanden in de Stille Zuidzee die onder water dreigen te verdwijnen.

Voor de indiaan is de oorzaak glashelder: ‘Dat zijn manieren van de natuurgoden om hun kracht te tonen, manieren om wraak te nemen op de mens. Dus als jullie ophouden met het vernietigen van de natuur, kunnen jullie grote rampen voorkomen. Heel simpel. Maar, zoals wel vaker', zegt Winti: ‘De witte man luistert meestal niet.'

Dit artikel werd op 24-07-2009 gepubliceerd in de Volkskrant .

Foto's Ton Koene. Klik hier voor meer foto's van de indianen.

Bijschrift: Winti Suya (op de voorgrond) poseert samen met mensen uit een van de vier indianendorpen aan de Xingu-rivier in Brazilië waarvan hij de leider is.