• natalie02b

Taliban-infiltrant in het klasje in Kunduz

Geplaatst door op in Achtergronden

(c) Ton Koene COLUMN - Hoe veilig is het werk van Nederlandse politietrainersin Kunduz?

De discussie over de veiligheid van Nederlandse trainers in Kunduz, gaat opmerkelijk genoeg altijd over hun werk 'buiten de poort'. Zodra Nederlandse militairen straks een voet buiten de politieschool in Kunduz zetten, zouden ze wel eens aangevallen kunnen worden door de Taliban.

Tekst: Natalie Righton
Foto: Ton Koene (Afghaanse politierekruten in Kunduz)
Dit artikel werd op 29-04-2011 gepubliceerd in de Volkskrant


Deze angst gaat zo ver dat de Nederlandse regering dinsdag aan de Tweede Kamer toezegde dat een voortijdig vertrek mogelijk is als de veiligheidssituatie in Kunduz de training 'buiten de poort' niet toelaat.

De plaatsvervangend politiechef van Kunduz moet steevast glimlachen als ik begin over de onwil van Nederlanders om betrokken te raken bij vuurgevechten. 'Nederlanders weten toch wel dat het oorlog is hier, hè?', zegt hij dan.

Eenmaal laat hij zich zelfs ontvallen: ‘Als de Nederlanders zo bang zijn, moeten ze misschien maar helemaal niet naar Afghanistan komen.’
Afgezien van wat deze publiek geuite angst doet met het imago van Nederland, raakt het ook aan een discussie die tot nu toe niemand lijkt te voeren in Den Haag:

De veiligheid van de Nederlandse trainers is ook niet gegarandeerd 'binnen de poort'. De reeks schietpartijen waarbij een Afghaanse militair of agent buitenlandse trainers doodschoot, wordt steeds langer. Soms vinden die plaats binnen de 'veilige' opleidingscentra met hoge muren en beveiliging voor de poort.


Infiltranten
Volgens de Taliban is het meestal een van hun infiltranten. 'Hij wachtte het juiste moment af om zoveel mogelijk buitenlanders te vermoorden', laten ze dan trots per telefoon weten aan journalisten.

Woensdag schoot een Afghaanse piloot negen van zijn buitenlandse collega's dood op het zwaar bewaakte en hoog ommuurde vliegveld van Kabul. Ook dit was volgens de Taliban een infiltrant. Sinds maart 2009 zijn tenminste 36 buitenlandse militairen op soortgelijke wijze vermoord.

Het is niet ondenkbaar dat de Taliban ook politieagenten laten infiltreren in het klasje dat de Nederlanders vanaf 2012 op de politieschool van Kunduz gaan leiden. Mogelijk zijn ze al geïnfiltreerd in de groep rekruten die Nederlandse militairen vanaf deze zomer 'buiten de poort' gaan trainen.

Vertrouwen
Misschien zou de politieke discussie daarom ook hierover moeten gaan: zijn de Afghaanse agenten die Nederland straks in Kunduz gaat opleiden eigenlijk wel te vertrouwen? Die vraag wordt tot dusver door niemand gesteld. In plaats daarvan willen parlementariërs 'garanties' dat de agenten in spe les krijgen over 'mensenrechten'.

De Duitsers die nu op de politieschool in Kunduz werken, nemen het zekere voor het onzekere. Hun rekruten krijgen geen echte geweren, maar houten nep-exemplaren. Alleen op de schietbaan krijgen ze een geladen wapen. Terwijl de studenten één voor één mogen schieten, kijkt een gewapende Duitse trainer over de hun schouder mee. Na afloop worden de patroonhulzen geteld, om te voorkomen dat rekruten echte kogels meenemen en later in een wapen stoppen.

NAVO-woordvoerders vertellen bezorgde politici graag over het uitgebreide screeningsproces waaraan rekruten worden onderworpen. Zo wordt van elke Afghaanse leger- of politierekruut een iris-scan gemaakt. Als die overeenkomt met de scan van een Talibanstrijder die ooit is opgepakt, mogen ze niet meedoen. Ook moeten de rekruten officieel een brief overhandigen met een handtekening van de stamoudste uit hun dorp, die verzekert dat deze rekruut nooit eerder bij de Taliban heeft gevochten.

Risico's
Er zijn wel enige kanttekeningen te plaatsen bij de screening. Helaas zijn nog niet van alle Talibanstrijders de irissen gescand. En een brief heeft in Afghanistan niet zoveel waarde, aangezien het merendeel van het land analfabeet is. De stamoudste kan altijd zeggen: ik wist niet wat erin stond.

Belangrijker punt is misschien wel dat het anti-Amerikaanse sentiment in Afghanistan momenteel zó snel sterker wordt, dat niet altijd een geïnfiltreerde Talibanstrijder nodig is om het vuur te openen op buitenlanders. Ook een willekeurige Afghaanse agent of militair kan uit frustratie ineens gaan schieten.

Als de schietpartijen op buitenlandse militairen in aantal toenemen, zou de Haagse Kunduz-discussie wezenlijk veranderen. Dan wordt namelijk de vraag opportuun of het 'binnen de poort' niet gevaarlijker wordt dan erbuiten.